5 valkuilen bij start van een moestuin

5 valkuilen bij start van een moestuin

0 reactie minuten lezen
Een moestuin beginnen lijkt zo eenvoudig. Je koopt wat zaden, stopt ze in de grond en wacht tot alles groeit en bloeit. En eerlijk is eerlijk: een moestuin beginnen is ook leuk en laagdrempelig. Toch gaat het in de praktijk vaak mis. Niet omdat de natuur faalt, maar omdat wij als tuiniers fouten maken. Menselijke fouten dus.

Omdat je juist het meeste leert van dingen die misgaan, hebben de Meisjes van de Moestuin de vijf grootste valkuilen bij de start van een moestuin voor je op een rij gezet. Herkenbaar? Vast wel.

1. Te vroeg zaaien: het gevecht met ongeduld

Het begint vaak al in februari. Op social media zie je overal foto’s verschijnen van frisgroene zaailingen op vensterbanken. Enthousiaste tuiniers die niet langer konden wachten. En voor je het weet begint het ook bij jou te kriebelen. Je wilt meedoen. Nu. Meteen.

Toch is februari voor de meeste mensen simpelweg te vroeg om te zaaien. Tenzij je een kas hebt. In een kas kun je bijvoorbeeld pepers, tomaten of paprika’s voorzaaien. Heb je die niet, dan is het verstandiger om te wachten.

Waarom? In februari is er nog te weinig zonlicht. In huis is het vaak warm, maar dat warme klimaat in combinatie met weinig licht zorgt voor lange, dunne en slappe zaailingen. Ze zien er misschien schattig uit, maar zijn niet sterk genoeg om later goed te groeien. Geduld is hier echt je beste tuinmaatje.

2. Te veel zaaien: hebberigheid in de moestuin

Zaadzakjes zijn verraderlijk. Ze bevatten vaak véél meer zaden dan je eigenlijk nodig hebt. En omdat zaden klein zijn en weinig kosten, is de verleiding groot om alles tegelijk te zaaien. Maar bedenk: uit elk zaadje kan een plant groeien.

Natuurlijk mislukt er weleens een zaailing, dus iets extra zaaien is logisch. Maar zelfs als je het dubbele aanhoudt, moet je jezelf afvragen: hoeveel kroppen andijvie eet ik eigenlijk? Hoeveel bieten kan ik kwijt?

Lees altijd de aanwijzingen op de achterkant van het zaadzakje. Daar staat precies hoeveel ruimte een plant nodig heeft. Combineer die informatie met je eigen eetgewoonten. De rest van de zaden kun je prima bewaren voor volgend jaar.

3. Te weinig ruimte: meer is niet altijd beter

Vooral in kleine tuinen of op balkons ligt deze valkuil op de loer. Weinig ruimte, maar wél alles willen kweken. En het liefst tegelijk. Creatieve combinaties lijken dan de oplossing.

Zo bedachten de Meisjes van de Moestuin ooit een prachtige combinatie: rode bieten samen met goudsbloemen in één pot. Het idee was perfect. De goudsbloemen zouden vroeg bloeien, terwijl de bieten rustig knollen konden vormen. In de herfst zouden de bieten geoogst worden, nadat de goudsbloemen waren uitgebloeid.

In theorie prachtig. In de praktijk een ramp. De goudsbloemen woekerden enthousiast door de pot, zonder bloemen te vormen. De rode bieten kregen geen kans om blad of knol te ontwikkelen. Resultaat: geen bloemen en geen oogst.

De les? Iedere plant heeft zijn eigen ruimte, timing en aandacht nodig. Meer en mooier is niet altijd beter.

4. Geen rekening houden met de omstandigheden

Je hebt een plan. Je bestelt zaden of koopt plugplantjes. Helemaal goed. Maar heb je ook gekeken naar de omstandigheden waarin die planten moeten groeien?

Mediterrane groenten zoals tomaten en aubergines hebben veel zon nodig. Daslook daarentegen groeit het liefst in de schaduw. Je kunt je wil niet opleggen aan een plant. Niet alles is mogelijk en maakbaar, hoe graag we dat ook zouden willen.

Kijk dus kritisch naar je tuin: hoeveel zon is er? Hoe is de bodem? Is het droog of juist vochtig? Door je plantenkeuze af te stemmen op de omstandigheden vergroot je de kans op succes enorm.

5. Te weinig tijd: de stille boosdoener

Een moestuin vraagt aandacht. Niet constant, maar wel regelmatig. En daar gaat het vaak mis. Even geen tijd om te wieden. Even geen zin om te oogsten. Maar groente wacht niet.

Fruit valt uit de boom als je het niet op tijd plukt. Snijbonen groeien door, ook als het regent en jij liever binnen blijft. Oogst je ze te laat, dan zijn ze niet knapperig en mals, maar taai en draderig.

Verwaarlozing ligt altijd op de loer in de moestuin. Een klein beetje aandacht op het juiste moment maakt vaak het verschil tussen succes en teleurstelling.

En toch: fouten horen erbij

Het goede nieuws? Geen van deze fouten is echt erg. Grote kans dat je in alle vijf de valkuilen trapt. Dat doet bijna iedereen. Er gaat altijd wel iets mis, want je probeert de natuur naar je hand te zetten – en dat lukt nooit helemaal.

Gelukkig maar. Juist dat maakt moestuinieren zo leerzaam en mooi. En eerlijk is eerlijk: zelfs een verwaarloosde moestuin kan er prachtig uitzien.

Wil je meer weten of leren van De meisjes van de moestuin? Lees hun boek "Kweken, oogsten, koken en eten".

Kweken, oogsten, koken en eten; de basics in het leven van De Meisjes van de Moestuin - Amber Carchedi en Reny Muller. In dit boek laten zij zien dat het telen van je eigen groente en fruit niet moeilijk en tijdrovend hoeft te zijn en dat je zeker geen grote tuin hoeft te hebben om er gevarieerd uit te eten.